Organisatie 

Wat zijn kleine vlinders? 

Onderzoek 

Signalering exoten 

Gegevens doorgeven 

Verantwoording 

Copyright 

Gegevens doorgeven

Stichting TINEA probeert zo veel mogelijk gegevens te verzamelen over Kleine vlinders en hoopt, dat u daaraan een bijdrage kunt en wilt geven. Insturen kan naar het postadres van Stichting TINEA: Reeboklaan 1, 6705DA, Wageningen, of liever per e-mail naar info@kleinevlinders.nl. Ook kunt u gegevens doorgeven via www.telmee.nl. De gegevens worden dan door een groep van zes validatoren van Stichting TINEA beoordeeld.

Wat gebeurt er met de gegevens?

De gegevens, ruim een half miljoen waarnemingen, literatuur- en collectiegegevens, zijn ontsloten in de Nationale Database Flora en Fauna (NDFF) voor onderzoek en natuurbeschermingsdoelen. Op dit moment zijn de gegevens zichtbaar in de vorm van verspreidingskaarten op de soortpagina's op deze website en op www.telmee.nl.

Waarnemingen doorgeven

Het doorgeven van gegevens kan op vier manieren gebeuren:

1. U zendt ons per brief of e-mail de gegevens, die tenminste de meest basale onderdelen van een gegeven moeten bevatten, nl. soortnaam, coördinaten kilometerhok, datum, ontwikkelingsstadium, eventueel waardplant, aantal en of de vondst binnenshuis of in het veld is gedaan.

2. U vult de gegevens met de hand in op een formulier. Dit formulier kan worden gedownload; u kunt de formulieren ook via e-mail of per brief bestellen. Hier volgen enkele aanwijzigingen bij het invullen:

  • Invullen met potlood en hoofdletters gebruiken.
  • Naam. Dit is de wetenschappelijke soortnaam, genoteerd als een achtletterige code. In verreweg de meeste gevallen bestaat de soortcode uit de eerste vier letters van de genusnaam en de eerste vier letters van de soortnaam.
  • Plaats en coördinaten. De lokatie waar de vondst is gedaan wordt op twee manieren gedefinieerd, nl. als de coördinaten van het kilometerhok (aangegeven als het meest zuidwestelijke punt van dit hok), maar tevens - en wel in letters - als het dichtstbijzijnde toponiem. Dit moet beslist in het uurhok liggen van het geregistreerde kilometerhok. Voor dit toponiem zijn tien spaties beschikbaar; gebruik daarvoor de eerste tien letters, b.v. Hellevoetsluis wordt gecodeerd als HELLEVOETS.
  • Datum. Jaartal zonder duizendtal.
  • Lit. Niet relevant voor waarnemers.
  • Bron. Hier wordt vermeld waarop het gegeven is gebaseerd. Van belang zijn collectiemateriaal adulten (1), waarneming (2), mijnencollectie (4), foto of dia (5), genitaalpreparaat voorhanden (7).
  • Stad. Het gevonden ontwikkelingsstadium. De meest voorkomende mogelijkheden zijn ei (1), rups (2), pop (3), mannetje (4), vrouwtje (5) of adult, sexe onbepaald (8). Voorts zijn er een aantal gevallen, die vooral bij het mijnenonderzoek van belang zijn, nl. volle mijn, maar niet bekend of het een rups of een pop is (Q), vraatbeeld zonder levende rups of pop (E), lege zak (F) en een vraatbeeld (zak) al of niet met een levend dier (G). Bij het opkweken van gevonden onvolwassen stadia doen zich tal van mogelijkheden voor. Daarvan komen het meest voor: adult uit rups (P), uit pop (T) of uit onbekend jeugdstadium (X). Let op: vermeldt bij kweken niet de datum van uitkomen van de vlinder, maar de datum van de vondst in het veld.
  • Plant etc. In deze rubriek wordt bij de vondst van vretende rupsen of al of niet bewoonde mijnen de waardplant gecodeerd. Hiervoor worden de coderingen van het Botanisch Basisregister gebruikt. Deze laatste, alsmede die voor exotische waardplanten en ander voedsel dan delen van de intacte plant vindt u in het boek `De Kleine vlinders`, Appendix 1. Desgewenst sturen wij u daarvan een kopie.
  • Binnenshuis. Het is van belang vondsten binnenshuis, in kassen e.d. te merken in verband met waarschijnlijke verschillen in fenologie tussen deze vondsten en de veldgegevens. Dat kan gebeuren door de letter A te zetten in de rechter marge, dus achter de kolom 'aantal'.
  • Aantal. De absolute aantallen van een gegeven kunnen tot en met 980 worden vermeld in de hokjes 2, 3 en 4 van de kolom aantal. Betreft het schattingen dan moet in het eerste hokje van deze kolom de letter C worden gezet. Aantallen hoger dan 980 kunnen als trajecten worden weergegeven en wel als volgt:

    801/1000 991
    1.001/1.200 992
    1.201/2.000 993
    2.001/3.000 994
    3.001/5.000 995
    5.001/10.000 996
    10.001/25.000 997
    25.001/100.000 998
    meer dan 100.000 999

    Bij deze weergave van trajecten moet steeds in het eerste hokje van de kolom 'aantal' de letter C worden gezet.

3. U zendt ons per e-mail uw gegevens, gebruik makend van de onder 2 besproken categorieën van een gegeven en de daarbij gebruikte coderingen en noteringen.

4. U geeft de gegevens door via www.telmee.nl. Dit is de gezamenlijke invoermodule van de PGO´s, verenigd in de VOFF. De gegevens komen voor zover het de Kleine vlinders betreft in het Tinea-bestand terecht.

De invoer volgens methode 3 kost de stichting de minste tijd, d.w.z. uw gegevens zullen eerder in het bestand kunnen worden opgenomen.

© 2017 Stichting TINEA